Dr. Kees G. Eveleens (1938-2020)

Inleiding: Lopen, praten, herinneringen ophalen

Het begon met wandelingen.

Vanaf 2015 gingen Kees en ik – allebei gepensioneerd, maar nooit echt klaar met de wetenschap – elke maand op pad om ergens in Nederland 15 kilometer te wandelen. Bospaden, dijken, het rustige platteland… het maakte niet uit. Het ging om het gesprek.

We waren allebei tropische entomologen, wat betekende dat elke wandeling uitmondde in een reis over continenten en decennia heen: katoenvelden in Soedan, koffieplantages in Midden-Amerika, rijstvelden in Azië. We spraken over insecten, ja – maar ook over mensen, politiek en de rommelige realiteit achter ‘oplossingen’ zoals pesticiden.

Kees was niet zomaar een collega. Hij was mijn beste vriend.

In 2020, op het hoogtepunt van de coronapandemie, kwam er een einde aan die wandelingen. Kees overleed en liet geen stilte achter, maar een leven vol verhalen.

Hij citeerde vaak de Deense filosoof Søren Kierkegaard:
„Het leven kan alleen achteraf worden begrepen, maar het moet vooruit worden geleefd.“

Terugkijkend lijkt zijn leven op een wereldkaart – en op een stille revolutie in de manier waarop we over landbouw denken.

afbeelding1
Afb. G1. Kees G. Eveleens

Midden-Amerika: een jonge wetenschapper gaat de uitdaging van een wereldwijd probleem aan

In de jaren zeventig trad Kees in dienst bij de Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO) en de Internationale Arbeidsorganisatie, waar hij samenwerkte met de regionale plantenziektekundige organisatie OIRSA in Midden-Amerika.

Op dat moment begon de wereld langzaam tot leven te komen.

De publicatie van *Silent Spring* van Rachel Carson had de grondslagen van de moderne landbouw op hun grondvesten doen schudden. Pesticiden, die ooit als wondermiddelen werden geprezen, werden nu als gevaarlijk beschouwd: ze brachten schade toe aan ecosystemen, de menselijke gezondheid en zelfs aan de gewassen die ze juist moesten beschermen.

Kees werd naar Guatemala gestuurd om een klein insect te bestuderen – de koffiebladmineerder – maar wat hij daar in werkelijkheid aantrof, was een veel groter probleem: een landbouwsysteem dat verstrikt was geraakt in een afhankelijkheid van chemicaliën.

Het heeft hem veranderd.

Californië: waar ideeën in daden worden omgezet

Vastbesloten om de alternatieven te onderzoeken, vertrok Kees naar de Universiteit van Californië in Berkeley, destijds het wereldwijde centrum voor geïntegreerde plaagbestrijding (IPM).

Daar bestudeerde hij, onder leiding van prof. Robert van den Bosch, de katoenteelt in de San Joaquin Valley in Californië.

De katoenvelden werden overspoeld met bestrijdingsmiddelen. Het gevolg?

  • Resistente plagen
  • Nieuwe uitbraken van plagen
  • Ecosystemen die uit balans zijn

Kortom: ineenstorting.

Van den Bosch was een uitgesproken figuur. Hij omschreef de invloed van de pesticidenindustrie op beroemde wijze als „omkoping en corruptie“ en schreef *The Pesticide Conspiracy*, een gedurfd vervolg op *Silent Spring*.

In 1972 behaalde Kees zijn doctoraat; zijn diploma was ondertekend door Ronald Reagan.

Maar wat nog belangrijker was, was dat hij met een overtuiging vertrok: landbouw kan – en moet – in harmonie met de natuur werken, niet ertegenin.

61 hqf0u8tl. sy425
Afb. G2. De pesticidencomplot door Robert van den Bosch

Over de continenten heen: wetenschap in de praktijk

Indonesië: samenwerken met de natuur

Hij deed onderzoek naar natuurlijke vijanden van ongedierte – zoals sluipwespen die de diamantmot bestrijden – en toonde daarmee aan dat ecosystemen zichzelf kunnen reguleren als ze daar de kans toe krijgen.

Soedan: uitdagende systemen

In het uitgestrekte katoenproject Gezira in Soedan stuitte Kees op „totaalpakketten“ – regelingen waarbij pesticidenbedrijven de volledige strategieën voor ongediertebestrijding in handen hadden.

Met de steun van internationale deskundigen zoals Ray F. Smith en Perry Adkisson werden hervormingen doorgevoerd:

  • Het verbieden van schadelijke chemicaliën zoals DDT
  • Een einde maken aan monopolistische controle

Het ging niet alleen om wetenschap – het ging om politiek, economie en moed.

Zanzibar: vriendschap en veldwerk

Hier kruisten onze wegen elkaar echt.

Zanzibar was onvergetelijk: een overheidshotel vol muggen en ratten, avonden met kamers vol insectenspray en geïmproviseerde oplossingen (waaronder het krijgen van een rattenval bij de receptie).

Maar ook:

  • Veldbezoeken in de vroege ochtend
  • Weekendtrips naar de Indische Oceaan
  • De schelpen die ik heb verzameld en die nog steeds bij mij thuis liggen

Kees was nauwkeurig, punctueel en had een rustige humor. Je kon je horloge op hem gelijkzetten.

En in de historische straten van Stone Town, waar de echo’s van de slavenhandel en het koloniale verleden nog steeds klinken, werkten we aan de introductie van wat een krachtig concept zou worden: Farmer Field Schools– boeren leren observeren, experimenteren en zelfstandig denken.

Eén verhaal is Kees altijd bijgebleven

Tijdens een missie in Oezbekistan vloog hij over het Aralmeer.

Ooit was het het op drie na grootste meer ter wereld, maar het is met meer dan 90% gekrompen.

Wat hij zag, was angstaanjagend:

  • Schepen die vastzitten in het zand
  • Dode vissen op een droge zeebodem
  • Een vergiftigd landschap

De oorzaak? Intensieve katoenteelt, grootschalige irrigatie en ongebreideld gebruik van chemicaliën.

Het was een harde les: beslissingen op landbouwgebied kunnen hele ecosystemen ingrijpend veranderen – en mensenlevens verwoesten.

..

leerplan
aralsea1989 2014
Figuur G3 (hierboven). Het Aralmeer, ooit het op drie na grootste meer ter wereld, heeft de afgelopen decennia meer dan 90% van zijn oppervlakte verloren. Als gevolg daarvan heeft de lokale economie zware schade opgelopen, is het land ongeschikt geworden voor landbouw en worden de unieke flora en fauna van de Aral-regio nu met uitsterven bedreigd. De regio is het toneel van een van de grootste milieucrises ter wereld, maar slechts weinig mensen wereldwijd zijn zich hiervan bewust.

Afb. G4 (links). Het Aralmeer is de plek waar de pijl naar wijst.

Nederland: een stem van de rede

Terug in Nederland werd Kees directeur van de masteropleiding Gewaswetenschappen aan de Universiteit van Wageningen.

Vergaderingen konden behoorlijk heftig zijn – uitgesproken meningen, botsende ideeën.

Kees had een gave: met slechts een paar rustige opmerkingen wist hij weer duidelijkheid en richting te brengen.

Niet luidruchtig. Niet opdringerig. Gewoon wijs.

Frustraties en onafgemaakt werk

Ondanks de grote successen van de FAO – met name wat betreft het doorbreken van de afhankelijkheid van bestrijdingsmiddelen in Aziatische rijstteeltsystemen – bleef een groot deel van het werk verborgen in rapporten.

Na zijn pensionering hielp Kees de FAO bij het schrijven van een uitgebreid boek over geïntegreerde plaagbestrijding in Azië.

Het was klaar.

Het is nooit gepubliceerd. Dat frustreerde hem enorm. Jarenlange kennis, opgesloten.

Een tweede leven: de schrijver

Kees schreef altijd prachtig – zijn verslagen stonden erom bekend dat ze zowel verhelderend als onderhoudend waren.

Na zijn pensionering ging hij zich toeleggen op fictie.

In zijn boeken (afb. f5-F8), waaronder *Farewell from Zanzibar* en *Old Spice*, ging hij in op:

  • Interculturele ontmoetingen
  • Koloniale herinneringen
  • De stille realiteit van het ouder worden

Schrijven ging hem niet gemakkelijk af, maar hij zette door.

742 x 1200
Afb. G5. The Old Spice.
20260418 124118
Afb. G6. Afscheid van Zanzibar
20260418 124018
Afb. G7. Javaanse liefde.
547 x 840
Afb. G8. Eindsprint.
cv